Als je een groep kinderen vraagt wat ze ergens van vinden, krijg je zó een antwoord. Dat is mooi. Maar zodra je doorvraagt, merk je het: het echte nadenken begint vaak pas daarna. En dat is nou precies waarom kritisch denken zo waardevol is. Het gaat niet om gelijk hebben of hard roepen, maar om snappen waarom je iets vindt. Juist op de basisschool kun je daar al een goede basis voor leggen.
Kritisch denken groeit met je mee
Niemand wordt kritisch geboren. Kinderen leren denken doordat we ze serieus nemen. Door vragen te stellen als: “Waarom denk je dat?” of “Zou het ook anders kunnen zijn?” raken ze gewend om verder te kijken dan het eerste idee. Ze gaan verbanden zien en leren dat iets niet zwart-wit hoeft te zijn.
In het begin is dat lastig. Kinderen houden van duidelijke antwoorden. Toch hebben ze ook een sterke drang om te begrijpen hoe iets werkt. Die nieuwsgierigheid is je ingang. Je merkt het vooral bij thema’s uit het dagelijks leven: waarom is iets ‘eerlijk’ of juist niet? Wanneer is iemand ‘lief’ of ‘gemeen’? Zulke vragen sluiten naadloos aan bij hoe kinderen denken.
Wat betekent dat voor de klaspraktijk?
Het begint met ruimte geven. Niet meteen corrigeren, maar eerst luisteren. Daarna daag je ze uit om verder te denken. Goede vragen zijn goud waard:
- “Hoe weet je dat eigenlijk?”
- “Wie heeft dat bedacht?”
- “Wat zou jij doen als je de baas was?”
- “Wat zou er gebeuren als iedereen dat deed?”
Dit soort vragen zet het denken aan. En nee, je hoeft het niet allemaal te structureren in een modelletje. Laat het gesprek maar stromen. Soms kom je samen tot iets nieuws. Soms blijven kinderen bij hun mening. Dat is oké. Het proces is het doel.
Waarom is kritisch denken geen apart vak
Veel scholen zoeken naar methodes om kritisch denken een plek te geven. Maar het is geen vak met een boek. Het zit juist ín alles. Of je nu praat over plastic in de oceaan, een ruzie op het plein of de verkiezingen, overal zit ruimte voor analyse, reflectie en gesprek.
Daarom sluit wereldoriëntatie van Jeelo hier goed bij aan. In plaats van losse lessen krijgen kinderen projecten waarin ze onderzoek doen, meningen vormen en samenwerken aan een eindproduct. Dat werkt beter dan een toets met drie meerkeuzevragen.
Wat levert het op als je ermee aan de slag gaat?
Kritisch denken maakt kinderen zelfbewuster. Ze voelen zich gehoord en durven meer te zeggen. Dat zie je terug in hun houding, hun presentaties en hun manier van samenwerken. Het helpt ook bij zelfvertrouwen, omdat hun mening ertoe doet.
Scholen die hier structureel mee werken merken vaak dat kinderen later op de middelbare school minder klakkeloos informatie aannemen. Ze durven iets te vinden én weten waarom.
Zo breng je het vandaag nog tot leven
Je hoeft het niet groot aan te pakken. Begin klein. Hieronder wat ideeën die meteen toepasbaar zijn:
- Laat kinderen stellingen bespreken in tweetallen, zoals “Reclame mag niet tijdens kinderprogramma’s”
- Kies bij geschiedenis een gebeurtenis en laat kinderen zich verplaatsen in verschillende betrokkenen
- Gebruik actualiteiten uit het Jeugdjournaal als startpunt van een kringgesprek
- Speel een rollenspel waarbij iedereen een andere mening vertegenwoordigt
Wat als het schuurt in de klas?
Soms komen er scherpe meningen op tafel. Over religie, gezinssituaties of maatschappelijke thema’s. Dat kan spannend zijn, zeker in een diverse klas. Maar juist dan is het belangrijk om ruimte te laten voor verschil. Niet door alles goed te vinden, maar door het gesprek open te houden. Respectvol oneens zijn mag.
Daarom is het goed om samen te oefenen met zinnen als:
- “Ik begrijp wat je zegt, en ik zie het anders”
- “Dat had ik nog niet zo bekeken”
- “Mag ik iets toevoegen aan wat jij zei?
Lees meer van dit soort handige artikelen op onze isgp website, of ontdek andere onderwerpen zoals Beauty en Schoonheid, Dieren, of Games en Spellen.
Heb je vragen of tips? Laat het ons weten en deel jouw ideeën en gedachten hieronder!



